WERELD > ZUID-AMERIKA > BRAZILIE - 2009 > REISVERHAAL

BRAZILIE 2009

Brazilie is een onmetelijk land en lang op de bus zitten of - in ons geval wegens gebrek aan tijd - binnenlandse vluchten nemen zijn de enige opties om zich te verplaatsen. Het land moet het vooral hebben van zijn kustlijn en kuststeden, van zijn stranden, bruine torsos, kleine bikinis en zon. Het binnenland is niet zo indrukwekkend als wat de buurlanden te bieden hebben en is eigenlijk - kort door de bocht - beperkt tot de Iguazu watervallen, de Pantanal en het Amazonië woud. S'werelds meest indrukwekkende watervallen hebben we al bezocht, dus is het deze keer de beurt aan de twee andere monumenten. Het geheel sluiten we dan af met een bezoek aan Rio de Janeiro.

 

 

 


Dag 1----- PANTANAL - Campo Grande

Gisteren zijn we met het team nog gaan eten in Campinas' beroemdste thema-winkelgalerij Don Pedro waarna we - op uitnodigng van een aantal vrouwelijke collega's - de uitgangsbuurt Cambui onveilig maakten. Echter niet te wree laat voor ons want we vertrekken uit ons hotel in Campinas al om 6u30 richting Sao Paulo's lokale luchthaven: Conganhas.
We nemen een eerste binnenlandse vlucht naar Campo Grande, een provinciehoofdstad van 800.000 inwoners, redelijk klein naar Braziliaanse normen. Van hieruit vertrekt onze tour in de Pantanal. De Panta-wadde?

PANTANAL

De Pantanal is een soort sompig moerasgebied van 210.000 km2, verspreid over Brazilie, Bolivië en Paraguay, het grootste ter wereld in zijn soort. Sommige delen zijn dichtbegroeide jungle, andere delen zijn meer open en savanne-achtig. Verharde wegen zijn er niet en ook geen steden, enkel nederzettingen. In het regenseizoen van november tot maart loopt het gebied onder water en spoelen de onverharde wegen weg wat de overheid noopt tot jaarlijkse herstelbeurten. Maar het grootste deel van het transport loopt via de rivieren of via de lucht. 4x4's zijn een must in geval van grondtransport.
Maar de reden voor een bezoek aan dit gebied is zijn overweldigend aanbod van wilde dieren en exotische vogels. Het doet een beetje denken aan Kakadu NP in Australië.
Het best bezoek je de Pantanal met een tour geboekt via een lokaal reisbureau. Op onze 4d/3n tour worden er dagelijks activiteiten aangeboden vanuit een centrale plaats, diep in het zuidelijke en Braziliaanse deel van de Pantanal.


Aan de uitgang van de luchthaven van Campo Grande zoek ik een bordje met onze naam of de naam van het reisbureau Viagens e Turismo. Ik zie niets, sta wat te treuzelen en wordt al meteen aangeklampt door opdringerige verkopers van Pantanal-tours. Tot er iemand op mijn schouder tikt: are you Martin? We maken kennis met Al van het reisbureau met wie ik per e-mail de tour geboekt heb (zijn e-mail adres is alalligator@…). Waar is uw plakkaat, vraag ik. Niet nodig, zegt Al, ik herken toeristen van ver.
We rijden naar zijn bureeltje in de stad aan het busstation, betalen en worden door Al op de bus gestoken richting onze overnachtingsplaats: Passo do Lontro Lodge.
Vier uur later stappen we uit de zeer comfortabele ligbus in het plaatsje Buraco das Piranhas aan de splitsing van de hoofdweg met een onverharde baan die in de Pantanal trekt: de Estrada Parque. We stappen over in een wit VW-busje, die bij ons al 20 jaar geleden uit het straatbeeld verdwenen is. Een half uur later komen we toe in onze Lodge, een soort motel op palen aan de oevers van de Miranda rivier. Omdat de helft van het jaar de Pantanal tijdens het regenseizoen onder water loopt, staat alles op palen van minstens 3m hoog.
Na het avondeten in het restaurant, eveneens op palen, maken we kennis met onze gids. Hij stelt ons een avondwandeling voor en gedurende een uur stappen we op een houten wandelpad op 3m boven de grond, door het gebied. Het eerste wat we zien zijn watervarkens, een merkwaardig zwart beest met het lijf van een varken en de kop van een konijn dat 20' onder water kan blijven. Verder zien we niet zoveel, maar het geeft niet want de sterrenhemel is subliem.


Dag 2----- PANTANAL - Passo do Lontro - Fazenda Sao Jaoa

We worden wakker in een dierentuin. Alle mogelijke vogels, varkens en apen in t'ronde geven gratis morgenserenades en bepalen het krieken van de dag. Dat is wat anders dan een paar tjilpende mussen en merelaars thuis.
Om 7u30 verlaten we onze paalwoningen en vertrekken we op safari richting Fazenda Sao Jaoa, een hacienda of hoeve waar we een aantal activiteiten gaan doen. We zitten in zo'n typische safaritruck op bankjes met een zonnescherm boven ons hoofd. We rijden terug op de Estrada Parque nog dieper de Pantanal in. Deze onverharde en ruige weg is 117 km lang en na meer dan honderd houten bruggetjes over rivieren, riviertjes en waterbekkens, eindigt hij aan de Boliviaanse grens. We rijden een uur tot aan de Fazenda en zien alle soorten fauna en flora, inclusief kaaimannen, tapirs (voor de eerste keer gezien in mijn leven), wrattenzwijnen, watervarkens en tientallen vogelsoorten waaronder helrode papegaaien en reuzereigers.
Op de safaritruck zitten 3 Nederlandse meiden, 4 Duitse meiden, een Australisch koppel, een Canadees, Johan een Belg uit Zottegem en wijzelf. De sfeer is goed (zie sprokkels).
Deze voormiddag staat nog paardrijden op het programma. Het moet zo'n 20 jaar geleden zijn (dromedaris) dat ik nog iets dergelijks tussen de benen kreeg voorgeschoteld. Het is toch even wennen in het begin, maar na een tijdje gaat het vlot. Het wordt een tocht door open savanne en langs drinkplaatsen voor het wild. Naar het einde van de 2 uur durende tocht, beginnen we al een beetje te verrappen met de paarden, wat lastig is in de rug. Maar al bij al is dit een plezierige ervaring.
Over de middag is het hangmattensiësta.
Pas om 15u gaan we stappen met de gids. De namiddagwandeling gaat gelukkig hoofdzakelijk door de jungle want de zon in de open vlakte, is ongenadig. Het is heet, rond de 35° en de zonnemelk wordt in lagen gelegd. In de jungle kan geen zonlicht binnen en is het vrij donker. Met een machete kapt de gids een pad vrij. We zien:
- termietenheuvels in de bomen in de plaats van op de grond omdat in het regenseizoen de heuvels anders zouden overspoeld worden.
- Een lange cobra met zijn typische flaporen. Hij is schuw en niet giftig.
- Vogelnesten zo groot als kleine boomhutten
- Apen die slapen in de toppen van de bomen
- Parasietbomen die andere bomen als voedingsbodem gebruiken
- En massa's kaaimannen aan de waterpoelen in de open vlakte
En die kleine krokodillen kan je benaderen tot op één meter afstand. Ze zijn banger van u dan omgekeerd. We eten ook palmhart uit de vruchten van de palmbomen die meer dan de helft van de vegetatie uitmaken van de jungle.
Na deze wandeling en mede door de hitte zijn we allen redelijk afgemat. Het begint te schemeren als we terug naar ons paalhotel rijden. En dan begint het dagelijks gevecht met de miljoenen muggen die plots s'avonds uit het niets opkomen en ons vel aftasten naar een onbespoten stukje huid. Muggenmelk moet hier onbetwistbaar het best verkochte product zijn.

 

Sprokkels:
° Onze gids noemt Paulo, is 32 jaar en een beetje een speelvogel. Hij doet niets liever dan de meisjes kullen door hen te doen schrikken dicht bij een kaaiman. T'es een sloeberken.
° De Hollandse meiden zijn rooksters en vallen zonder sigaretten. Paulo wordt opgetrommeld om een oplossing te vinden. De woorden wied, marihuana en coffeeshops vallen wat leidt tot algemene hilariteit. Uiteindelijk vinden ze hun stuff in een winkeltje in Passo do Lontro.
° Het Australisch koppel (Hi mate) heeft 2 jaar in London gewerkt en is op weg naar Melbourne in hun thuisland. Ze doen er 5 maanden over, via Zuid- en Centraal Amerika.
° De Canadees is van het type: ik-heb-veel-gereisd-dus-luister-goed-naar-mij. Je weet wel, zo van 'My friend in Botswana …' of 'I have a friend in Buenos Aires with an appartment ...' Hij trekt hierna verder door naar Bolivië.
° De vier Duitse meiden blijken twee Duitse en twee (Duitstalige) Zwitsers te zijn. Ze trekken ook gedurende maanden rond en vallen best mee. De Zwitserse meiden zijn niet op hun mondje gevallen; vraag maar na bij Johan-van-Zottegem-eigenlijk-van-Herzele.
° Johan en wij zijn de Vlamingen in het gezelschap. Johan is van Herzele, deelgemeente van Zottegem. Het is een 25-jarige Master in de Geschiedenis en voor een jaar onderweg. Door een misgelopen afspraak krijgt hij het aan de stok met de Zwitserse meiden.


springende kaaiman (naar vis)

 

Dag 3 -----PANTANAL - Passo do Lontro

Het ochtendkrieken wordt terug opgeluisterd door het symfonisch orkest van de Pantanal watervogels.
Verder in de ochtend start de volgende activiteit: piranha-vissen. Brokken vlees worden aan onze haken gehangen en vanaf een ponton op de rivier Miranda - gelijk d'echte - smijten we onze bamboestok-vislijn in het water. Ogenblikkelijk, dus onmiddellijk, wat wil zeggen meteen, bijten de piranhas toe. De rivier zit vol van deze vraatzuchtige vissen. Maar niet iedere bite is succesvol. Gemiddeld halen we er drie per persoon boven, genoeg om voor onze eigen lunch in te staan. De vissen hebben scherpe tanden en zijn redelijk agressief. De kaaimannen langs de oever zijn er dol op en komen aangezwommen, met enkel de ogen boven water. De gids hengelt met een piranha boven het water en doet de kaaimannen uit het water opspringen. Met één krachtige zwaai van hun staart springen deze beesten een meter hoog uit het water. En alsof dat nog niet allemaal afschrikwekkend genoeg is, is zwemmen in de rivier hoegenaamd geen probleem. De Hollandse meiden duiken als eerste het water in. Maar ja, wie wil daar nu in bijten …
Het kuisen van de 20 vissen die we met zijn allen gevangen hebben (piranhas + sardienen) is het minst leuke. De grote emmer water-met-de-vissen wordt uitgekapt op een gootsteen. De sardienen zijn al dood (hartaanval) en de piranhas moeten eerst afgemaakt worden. Dit doe je door een mes door hun schedel/hersenen te steken en te draaien. Een luguber werkje want je hoort hun schedel kraken. Daarna wordt de vis geschoren, de beulinge eruit gehaald, en is hij gereed om klaar te maken. Volgens de gids is piranha-vlees zeer goed ter stimulering van het libido.
In de namiddag wordt een boottocht georganiseerd op de Miranda rivier. We varen stroomopwaarts. De jungle groeit tot in de rivier waardoor je bijna geen oevers kan zien. Gedurende de ganse tocht zien we tefrente watervogels, meerdere soorten van de 600 species die de Pantanal tellen. Toekans zijn de meest opvallende, maar ook veel ranke reigers en tevens de Kingfisher. Deze vogel heeft een speciale manier om zijn prooi te vangen: hij pist namelijk in het water. De geur trekt vissen aan en dan slaat hij toe. We merken verder otters en vooral tientallen kaaimannen. De streek zit vergeven van die beesten. Het hoogtepunt van de dag zijn de baby-kaaimannen (foto links) die de gids per toeval ontdekt langs de oever. Hij schat dat ze één à twee weken uit de eieren zijn en ze meten ongeveer 30 cm. Zelfs zo'n beest is schattig als het klein is.
De avond valt en we kieren ons kerre. We varen terug in het donker maar zien niet veel meer dan de katogen van dezelfde tientallen kaaimannen van daarnet. Die avondtocht lijkt niet veel meer dan een toeristentruc. Ondertussen is ook het gevecht tegen de muggen begonnen: elke vierkante cm blote huid moet ingesmeerd zijn of getter van.

Sprokkels:
° Het Australisch koppel vangt wel 10 vissen, wij 6. De Duitse het minst van allen. Ze hebben wel de grootste piranha gevangen.
° S'avonds na het eten spelen we pool. We verliezen van de Duitse meisjes door een fout op de zwarte bal ondanks dat we 5 ballen voorlagen. Dan verliest het Australisch koppel op hun beurt van de Duitse meisjes door een fout op de zwarte bal ondanks dat ze 5 ballen voorlagen. Duitsers zijn pietzakken. In de echte finale verliezen we nipt van de Australiers.


Dag 4 -----PANTANAL, transfert naar BONITO

We zijn vroeg op om de laatste activiteit te doen in deze boeiende streek: een ochtendwandeling van 3 uur. Om 5u30 starten we. Het is stil in de groep en dit heeft niets te maken met de verloren poolspelletjes van gisterenavond maar veeleer met het ochtenduur. We stappen naar de open vlakte in de richting van een observatietoren. De strijd met de muggen is al begonnen. Vanuit de toren heb je een goed zicht op de savanne èn zie je de zon opkomen. In geen 5 minuten tijd stijgt de zon van een streepje boven de horizon naar een rode vuurbol. Terug mogen we de muziekkapel apprecieren van de Pantanalse watervogels. We stappen verder door het metershoge savannegras om na een uurtje de jungle in te trekken waar we ons terug moeten buigen, stuipen en een weg banen. We lopen een tijdje paralel met de Miranda rivier. We zien niet al te veel dieren, alsof ze ons horen komen en zich rap wegsteken. We zien wel de pootafdrukken van een jaguar, die leeft langs de rivieroevers, maar daar blijft het bij.
Over de middag doden we de tijd met Pirahna vissen. We worden er goed in. De Australier vangt een vis van wel een halve meter lang: een dogfish, zegt Paulo.
Een bezoek aan de Pantanal wordt meestal gecombineerd met een bezoek aan Bonito (betekent 'mooi' in het Portugees) waar de natuur gezorgd heeft voor kilometers lange grottenstelsels, glasheldere rivieren vol van de exotische vissen en watervallen in een decor van regenwouden. Dus wij daar naar toe met een gecharterd busje met terug de Australiers en de Duitsers die puur toevallig ook die richting uitgaan. Het wordt een tocht van 3,5 uur vooraleer we in Bonito toekomen tegen valavond. Eindelijk eens een stadje in plaats van een geïsoleerde nederzetting middenin de Pantanal. We regelen de excursies voor de volgende twee dagen.

Sprokkels:
° De twee Duitse meiden uit Frankfurt zijn geen gewone. Ze zijn afgestudeerd en Francesca heeft een contract op zak bij het consultantbureau McKinsey, terwijl Ariane 3 jaar verder gaat studeren in Cambridge om een Phd te halen.
° S'avonds in Bonito laten we de Australiers hun eerste caipirinha proeven, de Braziliaanse coctail bij uitstek. Zie reisverslag van Sao Paulo voor meer details over dit godendrankje.


Dag 5 -----BONITO - Rio da Prata

We moesten om 9u vertrekken maar vertrekken uiteindelijk om 9u45 richting onze eerste excursie vanuit Bonito: Rio da Prata. Alle vervoer vanuit Bonito naar alle activiteiten is gecharterd wegens het ontbreken van openbaar vervoer. Zo worden we in een privé wagen naar de start van de activiteit gebracht, 52 km zuidwaarts Bonito. Gedurende de volgende 4 uur blijft de bestuurder ter plaatse om ons dan s'namiddags terug te brengen.
De Prata rivier is één van die vele natuurwonders rond Bonito, een kristalheldere rivier door het regenwoud vol van de exotische vissen in alle maten en kleuren. De bedoeling is dat de toeristen drijverken spelen. We worden in een neopreenpak gestoken en al snorkelend drijf je een uur lang de rivier stroomafwaarts en kijk je dwars door het 24° lauwe water heen naar alles wat daar ligt of zwemt. Uiteraard interesseren ons de omgevallen bomen of de rotsstenen in het water ons veel minder dan al die vissen. Alhoewel we heel dicht bij hen komen, zal het je nooit lukken ze aan te raken. Soms staan ze met een school langs de zijkant te 'staren' zonder te bewegen alsof ze denken: weeral toeristen die passeren. Sommigen hebben speciale onderlippen om het bodemzand op te zuigen.
Je mag tijdens het drijven niet op de bodem staan om te vermijden dat je vuil omhoog doet dwarrelen. Gewoon drijven met de snorkel en naar beneden kijken in de wondere onderwaterwereld is de opdracht. De groepen tellen 8 personen en zijn een half uur van elkaar gescheiden om storend geklawier in het water te voorkomen. Of de rivier nu 1, 2 of 3 meter diep is, maakt niet uit want je ziet alles perfect tot op de bodem. Foto's maken we met een gehuurd waterdicht fototoestel.


Drijverken spelen

KRISTALHELDER WATER: HOE KOMTA?

De rivieren ontspringen uit ondergrondse bronnen doorheen kalklagen waardoor een stof vrijkomt (calcium carbonaat) die alle onzuiverheden verkalkt en naar de bodem doet zinken. Zo komt da.
Het resultaat is een aquarium-gevoel door de combinatie van zuiverheid en exotische vissen. De aanwezigheid van regenwoud maakt het compleet.


Sprokkels:
° De Brazilianen kunnen Martin en Martine niet uit elkaar houden. Ze spreken de namen op dezelfde manier uit. Als ze iemand van ons nodig hebben, noemen ze ons voor alle zekerheid Màrtien-Màrtien
° De douches in onze Posadas (hotels) doen me denken aan de Boliviaanse: een combinatie van water en electrische kabels verbonden met zichtbare lusterklemmen. Ik heb altijd het gevoel dat ik mijn leven riskeer door electrocutie.


Dag 6----- BONITO - Boca da Onca Ecotour

Om 8u, stipt deze keer, komt een busje langsgereden om ons te vervoeren 60 km noordwaarts Bonito naar de ranch Boca da Onca over een onverharde, ruige weg. In t'passeren pikt hij nog een aantal klanten op. Met 5 Brazilianen-op-vakantie en wijzelf, zullen we de volledige dag vullen.
Anderhalf uur later komen we aan in een decor van valleien begroeid met tropische wouden. Een safaritruck brengt ons naar de echte plaats van vertrek. De ecotour is een trek door het regenwoud over een aangelegd pad van 4 km. Daarbij volgen we een rivier en wandelen we van de ene waterval naar de volgende: een soort Lesse-in-het-oerwoud-met-watervallen. Ondertussen geeft de gids uitleg bij beschermde boomsoorten, parasietbomen en zien we parende wandelende takken en reuzespinnen in hun reuzeweb (2 m2). De tocht eindigt (uiteraard) bij de hoogste waterval van de provincie: Boca da Onca Waterval, die vanaf een rotsmuur 156m loodrecht neerstuikt in de jungle. Zwemmen in het meertje aan de voet van de waterval is toegestaan.
Maar eigenlijk is de tocht nog niet gedaan want de gids vertelt ons fijntjes dat we nu exact 826 houten treden naar omhoog moeten om de 156 m te overbruggen, naar het eindpunt van de dag. Het wordt een zware klus en we moeten constant een ritme trachten te vinden om onze hartslag onder controle te houden. Ook de hitte speelt ons parten en we kunnen dan nog grotendeels in de schaduw klimmen. Het is sinds de beklimming van Nokereberg-met-slechte-conditie geleden dat ik nog zo in het rood ben gegaan. Idem dito voor Martine. Er is meer dan een kwartier verschil tussen de eerste en de laatste van de groep.
Maar de beloning is groot als we in de Fazenda (ranch) mogen aanschuiven aan het buffet en daarna vertoeven aan de zwemkom in een hangmat met zicht op een prachtige vallei.
Bij valavond worden we terug afgezet in Bonito en besluiten om kaaimansteak te gaan eten in een poging om de overbevolking van kaaimannen in de Pantanal tegen te gaan. Uiteraard starten we met een caipirinha. De kaaimansteak smaakt naar kip. De combinatie van caipirinha, cerveja en de zware inspanning van vandaag doen ons vlug in bed belanden.

Sprokkels:
° De Duitse meisjes zijn vertrokken voor een busrit van 17 uren, via Paraguay, naar de Iguazu watervallen, terwijl de Australiërs morgen vertrekken naar Bolivië. En zo gaat uiteindelijk ieder zijn weg; ook in het leven.
° Aan de overzijde van ons hotel is een klein hospitaaltje. Ik denk dat er een soort spoeddienst moet zijn want af en toe rijdt er een soort ziekenwagen aan, waarvan de chauffeur … zelf de schuifpoort moet openduwen vooraleer het terrein op te rijden.


Dag 7----- BONITO - CAMPO GRANDE

Vandaag is een overgangsdag.
Deze ochtend is het nog luieren en slenteren langs de winkelkes en terraskes in Bonito.
Ik zoek een barbier die mijn baard van een week wil scheren. Maar stilaan raakt dit vak uitgestorven. De meeste kappers weigeren baarden nat te scheren mé t'schiss. Maar ik vind er toch één …

TOERIST KEEL OVERGESNEDEN

De baard laten scheren is voor mij een must-do tijdens elke reis. Deze barbierszaak is zowat 2m bij 2m, redelijk slonzig en de kapper/barbier schat ik achteraan in de 70. Ik twijfel of ik hier wel wil geschoren worden. Eventjes zie ik in gedachten vuile scharen, besmette scheermesjes en bebloede vingertoppen. Maar de drang naar een scheerbeurt is groter en veegt de slechte gedachten weg. We komen in gebarentaal een prijs overeen. Ik durf het aan om in zijn draaistoel plaats te nemen.
De man prepareert het scheerschuim en wrijft me in. So far so good. Maar dan wil hij het scheermes vervangen. Hij ziet niet goed en gaat naar buiten om het scheermes correct om te wisselen in zijn vooroorlogse houder. In gedachten zie ik hem met zijn beverige hand mijn keel oversnijden. Ik zie de krantenkoppen al: Toerist in Bonito keel overgesneden door bijziende barbier. Maar reizen is altijd een beetje avontuur, altijd een beetje het lot tarten. Dus ik zet door en blijf in de stoel zitten.
De man start voorzichtig maar kordaat èn met vaste hand. Hij scheert en zeept terug in en scheert opnieuw. Je voelt dat die man zijn vak kent. Na een kwartiertje heeft hij mijn stoppelhuid veranderd in een babyvelletje. Ik ben zo onder de indruk dat hij ook mijn haar mag knippen en ook hier slaagt hij volledig. Omgerekend kost me dit 4 euro + 1 euro tip = 5 euro. Weeral twee gelukkige mensen op deze wereld.

We nemen om 14u30 de bus naar Campo Grande om daar 5 uur later aan te komen, want morgen vliegen we naar Manaus, Amazoniëwoud. Het wordt een vervelende en lange busrit. Gelukkig is het terug een ligbus en kunnen we wat wegdommelen. Het is ons nu ook duidelijk geworden dat Brazilie een hangmatten-land is. Overal hangen ze: in huis, in de tuin, op de stoep, onder het buskot, eigenlijk overal waar 2 bomen of 2 palen op de juiste afstand staan.


Dag 8 -----CAMPO GRANDE - MANAUS

De GSM-wekker gaat af om 3u30 in de morgen (gelukkig op de tonen van Stairway to Heaven), we stappen totaal verdwaasd om 3u45 in de taxi die ons om 4u afzet aan de luchthaven van Campo Grande. Intussen zijn we wakker genoeg om in te checken voor onze vlucht naar Manaus van 5u.
Het is geen directe vlucht. Eerst landen we in Golania maar moeten we in de vlieger blijven zitten; dan landen we in Brasilia, de officiële hoofdstad van het land, waar we een verbindingsvlucht hebben naar Manaus. We landen in Manaus op de middag. Het zicht op de machtige Amazone rivier met zijn ontelbare zijarmen omgeven door oerwoud zover je kan zien (eventjes de stad Manaus niet meegerekend) maakt indruk.
De uitgestrektheid van het land wordt niet enkel benadrukt door de duur van de binnenlandse vluchten maar ook door het volledige andere klimaat. In de Pantanal/Bonito is het droogseizoen met volop zon; hier in Amazonië is het regenseizoen met dagelijkse buien. De temperaturen blijven wel om en bij de 30° en de vochtigheid is hoog.
In tegenstelling tot Campo Grande worden we bij de uitgang van de luchthaven wel opgewacht door het reisbureau met het bordje 'MARTINE VAN'. De man brengt ons naar het hotel waar we vanuit onze kamer op de 8e verdieping een prachtig zicht hebben op de haven van Manaus en op de Amazone rivier.
We trekken de stad in en lopen langs een aaneenschakeling van kleine kiosken door smalle straten. De stad (2 M inwoners) doet me denken aan Sao Paulo: onverzorgd, oude versleten gebouwen en wegen, veel zichtbaar afval, hobbelige tarmac. We krijgen onze eerste tropische bui te verwerken.
Tegen de avond maken we een vrij serieus incident mee. De Policia Militar heeft 2 jongelingen opgepakt. Met die twee gasten letterlijk in de kraag gepakt, steken ze het centraal plein over waar er een drukke markt bezig is. Hun wagen staat waarschijnlijk een eind verderop. Op een bepaald moment stromen andere jongelingen toe, achtervolgen de politie en beginnen vanalles te schelden en vooral te dreigen. Plots trekken die politiemannen hun wapen, houden die duidelijk zichtbaar boven het hoofd en kunnen zo ontkomen. Ondertussen is de meute aangezweld tot helft van de markt; kuddegeest noemen ze dat met vooral door adrenaline aangetaste jeugd. Wij zitten daar toevallig middenin en er als toerist uitziende, maken we ons gauw uit de voeten. We zouden een te gemakkelijk slachtoffer zijn.
We springen in een taxi aan de straatkant en rijden naar een door de LP gelauwerd restaurant op de top van het 5-sterren hotel Taj Mahal. Op de 20e verdieping of zo staat een roterend restaurant. Een relatief duur restaurant naar Braziliaanse normen maar nog vrij goedkoop naar Europese normen. Een caipirinha en hoofdmaaltijd voor 35€ voor ons beiden. Het telkens veranderend uitzicht op Manaus is wreed wijs.


Sprokkels:
° De man van het reisbureau vertelt ons dat tijdens het regenseizoen van januari tot juli, het waterniveau van de rivieren stijgt tot een maximum in juli. Deze maand in mei staat het niveau al 1m hoger dan het hoogste punt ooit in 1953. Maw er is nog nooit zoveel water geweest als 2009 en het kan nog hoger. En dat terwijl ze enkele duizenden km dieper in de Pantanal, het droogste regenseizoen hebben sinds de jaren 70. Toeval wil dat we op TV bijna uitgedroogde Iguazu watervallen zien. De natuur zit duidelijk in de knoop.


Dag 9 -----AMAZONIËWOUD - dag 1

We ontbijten op de hoogste verdieping van ons hotel (negende), één verdieping hoger dan het onze. We hoorden het personeel al om 6 uur met de tafels en stoelen sleuren. Vanaf de ontbijtzaal hebben we een geweldig zicht op de Amazone rivier en de haven.
Om 8u15 start de bij Gerotours bestelde jungletour en worden we naar de rivier gebracht om te starten met de speedboot naar de andere oever. Over de indrukken en over hetgeen we zien gedurende deze halve dag transport naar ons 'junglehotel', zou je al een pocketboekje kunnen schrijven. Ik vat samen:

  • We zijn de enige gasten en de speedboot scheurt het water op richting de samenvloeiing van de Rio Negro en de Rio Solimoes die samen de Amazone rivier vormen (foto rechts). Het rare aan de samenvloeiing is dat het donkerbruine water van de Rio Negro lange tijd naast het lichtblauwe water van de Rio S. stroomt omdat er een verschil is in snelheid van de stroming, densiteit en temperatuur.
  • Op zowat 1500 km van de Oceaan zie je hier oceaanschepen aangemeerd liggen. Cruiseschepen varen zelfs tot in Iquitos, Peru, nog zo'n 1000 km verder landinwaarts. Om nog maar eens de almachtigheid van deze rivier te onderstrepen.
  • Het duurt een vol kwartier aan hoge snelheid vooraleer we aan de overkant zijn, in het dorpje Carero. Er is ook een ferrydienst tussen beide oevers.
  • Door de uitzonderlijk hoge stand van het water staat de café aan de oever onder water (foto rechts), wat de vissers niet belet om met hun voeten in het water een spelleken pool te spelen.
  • Met terug een wit VW-busje gaat de tocht verder en dan nog wel over de destijds zeer omstreden Trans Amazonië snelweg. Maar door ecologiestrijd en door gebrek aan geld, ligt dit tweevaksbaantje er heel slecht onderhouden bij.
  • Langsheen de rit zien we weilanden en woud onder water staan, paarden met hun buik tot in het water en huizen, op te lage palen, ondergelopen.
  • Na een uur rijden, slaan we rechtsaf een onverharde weg in. De aarde ziet helrood. Er is bijna geen bewoning meer en hoe dieper we het oerwoud inrijden, hoe sompiger de weg wordt. Het onvermijdelijke gebeurt: het VW-busje raakt vast in de modder. Na tien minuten achteruit, vooruit, enzovoort geraakt het busje toch weer vlot. Een soort Camel Trophy gevoel komt naar boven.
  • Het ondertussen bruinrood geworden VW-busje stopt na een uur wroeten bij een rivier waar alles terug overgeladen wordt. En dit is buiten onze bagage al het eten voor onze 3-daagse tour evenals jerrycans vol benzine. We krijgen gezelschap van een lokaal koppel die inkopen deden in Carero en op weg is naar hun huis. Zij is 18 jr en hun twee kindjes van 4 maanden en 3 jaar zijn mee. Kinderen met kinderen zijn hier heel gewoon volgens onze gids.
  • Met een bootje varen we dan eerst door het ondergelopen woud en dan een brede rivier op. Om de zoveel km zie je paalwoningen langs de oevers waar een aantal gezinnen leven.
  • Onderweg stapt het koppel af aan hun 'paalwoning'. De gids vertelt dat de meerderheid kiest voor een volledig leven langs de rivier in het oerwoud in zo'n paalwoning. Sommige paalwoningen hebben schotelantennes.
  • We meren aan bij het Ararihna Jungle Hotel, een tiental hutten groot met een gemeenschappelijke refter. Er is electriciteit, opgewekt door een generator, van 18u tot 22u. Met de speedboot, busje en terug de boot zijn we 4 uur verder redelijk diep in het oerwoud beland.

Deze namiddag staat een boottocht op het programma en wat raad je: pirahna vissen. De boottocht is het indrukwekkendste deel. Er is zoveel water dat er spontaan meren zijn ontstaan die samenvloeien en het oerwoud onder water zetten. In feite zien we watervlakten en een drijvend oerwoud. Geen oevers te bespeuren. Nu varen we op de Parana rivier, zegt de gids. De enige waterloop die in het droogseizoen nog water bevat; al de rest, dus ook de meren en het ondergelopen oerwoud, is dan droog. Ik kan het mij niet voorstellen. Dat moet een andere wereld zijn.



Martine is de enige van de toeristengroep die pirahnas vangt. 25 soorten zitten er in de rivieren, inclusief de meest agressieve van allemaal: de rode pirahna. Martine vangt er zo drie, ik en de twee Italiaanse meisjes niemendalle. De gids vertelt dat deze vissen zo sterk zijn dat ze een uur lang kunnen leven en bijten buiten het water. Ze zijn enkel dood - en dat wisten we al van de Pantanal pirahnas - als je met een mes een gat boort door de schedel en in hun hersenen kotert.
Het is ondertussen avond geworden en het gevecht met de moskietos begint. En deze maal tegen de malariamug met massa's deet-muggemelk en een (te klein) muskietennet.


Dag 10 -----AMAZONIËWOUD - dag 2

S'avonds, de ganse nacht door en s'morgens zijn de oerwoudgeluiden toonaangevend. Dit houdt ons uit de slaap evenals de muggenstrijd en de zeer muffe kamer. De matras en de lakens ruiken naar de alom aanwezige vochtigheid.
Deze morgen staat een jungletocht gepland. We trekken drie uur door een hoger gelegen deel van het oerwoud. Ik mag zeggen dat de tocht memorabel is. Het oerwoud hier is toch andere koek dan in de Pantanal. Je ziet en voelt dat dit hier t'echte is. Het pad is sompig en twee gidsen vergezellen ons: één kapt de baan vrij met zijn machete, de andere geeft uitleg. Halverwege verlaten die mannen het pad en kappen ze zelf hun pad. We vorderen traag want er is heel wat kapwerk te doen. Ik kan van deze tocht terug een klein pocketboekje schrijven van alles wat we zien en horen. Ik krijg een soort 'waaw, ik loop in het Amazonië woud'-gevoel:

 

  • Als ik de gids mag geloven, zijn er zoveel geneeskrachtige kruiden, planten en bomen dat het oerwoud eigenlijk een apotheek is.
  • Zaden worden door vogels gelost in de kruinen van bomen. Het zaad kiemt en groeit en de wortels raken uiteindelijk de grond. De alsdus ontstane boom groeit rond de stam van de initiele boom, versmacht hem, doodt hem en blijft alleen over. Het exemplaar dat we zien heeft de initiele boom al voor driekwart omgroeid.
  • We zien een tarantulaspin, een kanjer van een hand groot. Zo iets om s'nachts over te dromen. De spin's favoriete voedsel zijn gifslangen.
    De vlinders zijn helblauw en een halve hand groot.
  • Over alle dieren en bomen in het woud kan de gids een verhaal vertellen: wat ze eten, hoe ze overleven, enzovoort. Het is een wrede en mysterieuze wereld. We zien veel parasietbomen en -planten en uiteraard de lianen die hun bomen ook verstikken.
  • 70% van de dieren in het oerwoud leven en jagen s'nachts. Daarom is het veiligst om overdag in het woud te stappen; maar dan zie je ook het minst dieren want de jaguars, de slangen slapen dan.
  • Plots springen de twee gidsen een halve meter achteruit van t'verschieten. De macheteman dacht op een gifslang getrapt te hebben … blijkt dat het een stuk hout is. Zelfs doorwinterde kerels schrikken nog van die dingen of interpreteren verkeerd.
  • We zien reuzemieren met vlekken op de rug waarvan een beet je twee dagen met koorts in bed doet belanden en uw voorraad pijnstillers opsoupeert.

Sinds onze aankomst gisteren heeft het niet meer geregend. De vochtige hitte en de spanning eigen aan zo'n tocht, maken ons afgepeigerd als we tegen de middag de lodge bereiken. Een lange siesta is ons deel.
Van namiddag doen we een kanotocht door het ondergelopen deel van het oerwoud. Een betoverend schouwspel is het om met de boot en de peddels door het oerwoud te slenteren. We roeien voorbij boomkruinen, zien de grote zwarte aap (Black Monkey) in de toppen van de bomen en ook een kleinere soort die slingert van de ene kruin naar de andere, à la tarzan. Maar vooral de rust en het onwezenlijke van een ondergelopen oerwoud is het meest indrukwekkend. Na twee uur keren we terug voor het avondmaal. We praten na over alles en nog wat met de Italiaanse meiden van 26 en 28 jr oud. We laten hen echter eerst een caipirinha proeven, dat maakt de tongen wat losser.



Dag 11 -----AMAZONIËWOUD - dag 3

3 dagen Amazonië staan ook gelijk met 3 dagen vochtige hitte, klampige en plakkende kleren, vochtige bedden en beddegoed en de totale oorlog aan de muggen. Zeg Tjeefken, hoe staat het met ons fonds 'totale wereldwijde vernietiging van alle vliegen en muggen'?
Met onze twee gidsen, de ene is een Charles Bronson lookalike, bezoeken we deze morgen per boot zo'n typisch gezin in een paalwoning langs de rivier. We hanteren de Jambers benadering: Wie zijn ze? Wat doen ze? Hoe overleven ze? Na een halfuurtje varen, trachten we een antwoord te verzinnen.

AMAZONE INDIANEN

De titel van dit kadertje is misleidend. Waar wij zitten, vind je geen inheemse indianen. Als je naar deze streken afzakt en je verwacht blaaspijp schietende indianen achter iedere dikke boom, blijf dan maar thuis.
De echte inheemse stammen leven veel dieper in het woud en laten geen vreemden toe. Zij weigeren elke vorm van beschaving. De volgende gradatie zijn de indianen die een reservaat hebben toegewezen gekregen door de overheid. Zij leven op een min of meer normale manier, kleden zich zoals ons, spreken soms Portugees en weten wat beschaving is. Op bepaalde dagen van het jaar herdenken ze nog hun oude rituelen en dragen dan hun oude klederdracht. De volgende gradatie zijn de autochtonen die langs de rivieren leven op paalwoningen, zoals wij er nu eentje bezoeken.
Zulke gezinnen met gemiddeld 5 à 10 kinderen leven van de visvangst en van de maniok. Na een volledige bewerkingscyclus van de wortel van de maniokstruik, die ze eigenhandig uitvoeren, is het eindproduct maniok die ze in allerlei vormen eten: als granen, koekjes, deegproducten, brood. Dit aangevuld met vis vormt de dagelijkse maaltijden. Als ze geld verdienen is het met de verkoop van overschotten maniok, vis en oerwoudnoten.
We zien terug kinderen met kinderen en zo'n gezin telt meestal 3 generaties. Ze dragen kledij als ons en ik zie dat ze met hun geld ook pampers kopen, turnsletskes, en een jonge vader heeft zelfs mèchen in zijn haar. Voor de rest is het basic comfort. Af en toe reizen ze met hun bootjes naar de markt of - als er een zwaar ziek gezinslid is - naar het hospitaal in Manaus.

We nemen afscheid van de Italiaanse meiden en kort na de middag is het Amazonië avontuur uit want we worden terug naar Manaus gebracht in omgekeerde volgorde van de heenreis: boot - wit VW busje - speedboot. Een avontuurlijke en onvergetelijke 3-daagse loopt ten einde.

In Manaus regelen we nog een aantal dingen met het reisbureau, huren een kamer voor een paar uren, want deze nacht om 1u30 stijgen we op richting Rio. Een reus van een zwarte vent, die zichzelf Mr Black noemt, voert ons naar de luchthaven.

Dag 12 -----RIO DE JANEIRO - dag 1

De vlucht heeft een uur vertraging en daar komt een half uur bij door een madam met haar schoothondje (een soort preudelekkerken) die weigert haar beest uit het vliegtuig te halen. We landen rond 7u in Rio en nemen een taxi naar ons hotel in de wijk Ipanema, waar we een beetje bekomen van de korte nacht die er eigenlijk geen was.
Het weer is schitterend. Digitale borden duiden uur en temperatuur aan: 28° en geen wolkje te bespeuren. We doen het vandaag rustig aan en gaan zonnen op het strand en zwemmen in de Atlantische Oceaan, begenadigd met lauw water en hoge golven. Wat een schok met Amazonië. Van de lokalen op paalwoningen naar Rio's witte stranden waarop gespierde, bruine torsos hand in hand lopen met vrouwen in mini-bikini's, die niet meer zijn dan tepeldekkerkes en reetvetertjes. Deze stukjes textiel worden gedragen door vrouwen in alle maten en gewichten. Hier bestaat geen gêne. Martine analyseert de stoere binken, ik hun lieven. Een tweede schok is het ontbreken van muggen in deze stad.
De stad spreekt me direct aan. Rio heeft : stranden, wolkenkrabbers, een meer, favelas (sloppenwijken) en twee heuvels van waarop je een adembenemend zicht hebt op de stad. We slenteren over het strand en ik laat me masseren door twee (!) Braziliaanse schonen. Martine blijft ijzig kalm.
S'avonds ontmoeten we Soraya. Deze Braziliaanse zakenvrouw van Libanese ouders en wonend in Rio is binnenhuisarchitecte en heeft Martine ontmoet tijdens haar verblijf in het hotel in Campinas, nog voor we op vakantie vertrokken. Die twee vonden elkaar geweldig en het contact is gebleven. Met Soraya, een ADHD-geval die vrijuit

Ipanema beach

spreekt en lacht, gaan we eerst een kokossap drinken op Mirante do Leblon, een uitzichtpunt over de Ipanema baai. Daarna eten we in Rio's Hard Rock Café. De HRC hier is een enorm groot restaurant met twee reuzegitaren buiten, een Harley in de kleerwinkel en een Cadillac boven de restauranttoog.

Rio De Janeiro

Zoals destijds wel meer gebeurde is de naam van deze stad ontstaan uit een vergissing. Het was in de beginjaren 1500, in de maand Januari (Janeiro) toen Portugese ontdekkingsreizigers de baai van Rio binnenvoeren tussen de tientallen kleine eilandjes. Ze dachten dat dit de monding was van een grote rivier (Rio). Zo ontstond dus de naam van de stad, door een vergissing van de Portugese ontdekkingsreiziger, de kilo.


Dag 13 -----RIO DE JANEIRO - dag 2

Voor vandaag hebben we een bustour besteld die volledig Rio aandoet. We rijden s'morgens eerst naar de suikerrietberg (Pao de Açucar) 396 m hoog. Via twee kabelliften bereiken we de top en zien de bewijzen op tafel waarom Rio de mooiste stad ter wereld is. Het weer zit tegen zodat de zichten en de foto's beter kunnen. Maar niet getreurd, dit is ongezien: je kijkt van voren Rio binnen. Eerst de stranden, dan de hoogbouw, dan de favelas (krottenwijken) tegen de heuvelwanden. Vliegtuigen scheren langs de berg tijdens hun landing op de domestic airport van de stad. Vanaf hier zie je heel duidelijk dat Rio een aaneenschakeling is van konische molshopen tussen de 100 en 600 meter hoog, begroeid met regenwoud. Ze monden uit in parelwitte stranden en tussen de heuvels zijn wolkenkrabbers en gewone huizen gebouwd. Op de heuvelruggen hebben de armen het regenwoud weggekapt en krotten gebouwd, de favelas. Inmiddels wonen er zo'n 1,2 M mensen in de favelas en 14 M mensen in Rio. Als je de andere kant opkijkt zie je de vele tientallen eiland(jes) uit de Oceaan oprijzen, die nogmaals het unieke van het decor van deze stad benadrukken.


We dalen terug af in de bewoonde wereld en rijden kriskras door de stad. De citytour begint met uiteraard veel bla bla van de gids: en links dit gebouw en rechts dat gebouw, enz. Maar ik onthou toch de volgende bezienswaardigheden:

  • De Lapa aquaduct
  • De Kathedraal van Rio, gebouwd als een pyramide. Binnenin staan de stoelen in een halve maan rond het altaar, net als in het parlement. De klokketoren staat afgescheiden naast de kathedraal.
  • Het Maracana voetbalstadium, s'werelds grootste met destijds 200.000 staanplaatsen, nu teruggebracht tot 140.000 zitplaatsen. Hier wordt in 2014 de finale van de worldcup gespeeld.
  • De Samba Avenu waar elk jaar de Samba praalwagens en -dansers langsrijden in s'werelds meest bekende carnavalstad. Je moet een fortuin betalen om in de tribunes langs de avenu te kunnen zitten: tot 2.300 euro per persoon.

Je kan in het klein museumpje langs de Avenu een samba-outfit aantrekken en dat doet Martine. Ik heb daar helaas geen foto's van ( J ).
In de late namiddag rijden we naar - voor mij - het hoogtepunt van de dag: de Cristo Redentor of het machtige kruisbeeld-met-open-armen dat Rio overschouwt. Het 38 m hoge standbeeld staat op een konische heuvel van 710 m hoog (Corcovado) en is zowat vanuit elke hoek van de stad te zien. Gelukkig is het weder uitgeklaard en wat we zien qua vergezichten tart elke verbeelding. Iedereen kent de beelden op TV van het kruisbeeld en de stadszichten en in gedachten had ik altijd gehoopt daar ooit zelf eens te staan. Vandaag is die dag er. Wat je ziet is adembenemend mooi en omvat zichten op de volledige stad en errond. Enkel foto's of een film kunnen iet of wat overbrengen wat we zien.


Dag 14----- RIO DE JANEIRO - dag 3

Deze voormiddag bezoeken we de sloppenwijken of favelas (fa-vil-las) met een gids. Toch een riskante onderneming als je de media en de commentaren mag geloven. Dit wordt meteen door de gids de kop in gedrukt. Favelas are safer then the city, zegt die man, want de slechterikken gaan stelen in de stad. Daarom wordt er niet in de favelas gestolen ook omdat de drugbarons zo weinig mogelijk politie-interventies wensen op hun grondgebied.
De stad telt 800 favelas en er wonen 1,2 M mensen. In een favela heerst een soort toegelaten onwettigheid. Mensen stelen er electriciteit van het net, drijven handel maar betalen geen belastingen en bouwen kris kras. Er zijn een aantal gradaties in de favelas:

- daar waar drugbaronnen de wet dicteren of de hard core favelas. Kom je daar naartoe als niet-inwoner en het is niet om drugs te kopen, is de kans zeer groot dat je er niet levend uit komt.
- daar waar drugbaronnen actief zijn, maar er zich ondertussen een middenklasse genesteld heeft die geld verdient met eerlijke handel; waar er scholen zijn en het leven min of meer normaal is. Hier gebeuren af en toe afrekeningen en shootings.
- Drugsloze favelas, waar er banken, hospitalen, scholen zijn en het relatief veilig is. Daar wonen zelfs rijken, die villa's bouwen met zicht op Rio.

We bezoeken de grootste favela van Rio, meestal vanuit de wagen. Soms mogen we 5 minuten stappen in een handelsstraat. Overal worden we aangekondigd om geen misverstanden te creeren en om respect te tonen tov de bewoners. Het lijkt er allemaal normaal aan toe te gaan; de huizen zijn krotten maar er zijn ook normale huisjes. De straten zijn steil want de favelas zijn gebouwd op de flanken van de heuvels en hebben daarom de prachtigste uitzichten op Rio. Afval is een groot probleem want iedereen smijt het op straat. Toch is er dagelijks een afvalruimdienst. Postbedeling bestaat er niet. De openbare bussen rijden enkel op de voornaamste assen, die ook geasfalteerd zijn.
Via sluipgangen en tunnels kan je de verschillende krotten bereiken want alles is kris kras op en door elkaar gebouwd als één grote domino. We bezoeken een opvang voor kinderen.
Deze wereld wordt ironisch genoeg in stand gehouden door de inwoners van Rio zelf. Want zij zijn de grootste afnemers van drugs: cocaine en marihuana. Met elke euro die ze spenderen, financieren ze de drugsmaffia en onderhouden zo de misdaad. De politie is aanwezig maar intervenieert enkel bij doelgerichte arrestaties.
De gids maant ons aan om niet al te opvallend foto's te nemen. Want hij geeft toe dat je niet kan voorspellen hoe men zal reageren. Het is duidelijk dat we enkel het voorgeborgte gezien hebben. De real stuff is te gevaarlijk. Dit is een stad in de stad; een wereld die de onze niet is.

S'namiddags bekomen we op de fiets en rijden langs de baai van Copacabana en Ipanema, die allebei zo'n 4 km lang zijn en waar alle soorten mensen zonnebaden, strandvolley spelen, bodybuilding doen, eigenlijk alles wat op een strand gedaan wordt.


Copacabana strand


Voor vanavond bezoeken we een samabashow in Plataforma. T'es schoon met veel blote poepen.


Dag 15 -----RIO DE JANEIRO - dag 3,5

Het einde is in zicht. Nu we Rio wat beter hebben leren kennen, is het einde nabij. Het is een propere stad met ruige favelas. De zichten van bovenaf zijn onbeschrijfelijk mooi mede veroorzaakt door de aanwezigheid van de Oceaan en van een decor van konische heuvels waartussen de stad zich slingert als een slang. De criminaliteit zal hier wel hoog liggen, maar gelukkig hebben we niets ondervonden.
We slapen uit en bezoeken deze morgen de Botanische Tuinen van Rio. We zijn een beetje ontgoocheld door het gebrek aan bloeiende bloemen en struiken. Maar ja, het is hier herfst hé. Daarna gaan we nog een laatste maal naar Ipanema strand, bruinen wat en kopen prullaria aan strandventers. Cristo Redentor kijkt nog altiijd naar ons met open armen.
Om 14u brengt een rocker-taxichauffeur ons naar de lokale luchthaven. Een cd van Pink Floyd met klassiekers als Confortably Numb en Money verzachten de pijn van het afscheid aan Rio.


Ipanema strand

 

 

FOTOREEKS

 

ONDERWATER FOTOREEKS


 

________________________________________